Het inkopen, verkopen en opkopen van antiek

Wij zijn gespecialiseerd in het inkopen en verkopen van antiek, curiosa en verzamelobjecten. Onze antiekwinkel in Winschoten (Groningen) is open op afspraak. Wij kopen en verkopen antiek en verzamelobjecten zoals porselein, glas, zilver, meubels, Chinese- en Japanse objecten, design uit de jaren 60, etc. Als u uw spullen wilt verkopen kunt u contact met ons opnemen, ook als die hier niet direct tussen staan. Wij kunnen via foto’s vaak al beoordelen of iets voor ons interessant is maar kunnen eventueel ook bij u langskomen.

Mocht u eens willen rondkijken in onze antiekwinkel dan bent u van harte welkom. Wij zijn open op afspraak. Neem gerust contact met ons op.

contact opnemen

Huis ontruimen

Naast het in- en verkopen van antiek dat ons wordt aangeboden, bieden wij ook de mogelijkheid om een huis te ontruimen en bezemschoon op te leveren. Deze service is naast duurzaam ook snel en transparant. U krijgt een eerlijke prijs voor de waardevolle (antieke) objecten terwijl deze weer een tweede leven krijgen. Veel spullen hebben waarde voor ons of voor de kringloopwinkel, ook doneren we aan goede doelen. We wegen de waarde van de inboedel mee in de ontruimingskosten. Zo houden we de kosten voor u laag en kan het soms voorkomen dat de offerte op nul uit komt of dat we u nog een bedrag betalen. Dit is geheel afhankelijk van de waarde van de inboedel. Als liefhebbers van antiek en verzamelobjecten en als ervaren opkopers van inboedels staan wij hiervoor.

Offerte aanvragen  

Nieuwste blogs over antiek

Dit blog gaat over aardewerk en is het vervolg op aardewerk deel 1. Het is een groot onderwerp en vandaar dat deze in drie delen op de website verschijnt. In dit stuk (deel 2) behandelen we het aardewerk uit de jaren 1890 t/m 1940. In deze periode komt ‘De nieuwe kunst’ op.
Lees verder
Aardewerk waarde en herkennen merktekes Delft Blauw
Dit blog gaat over aardewerk. Het is een groot onderwerp en vandaar dat deze in drie delen op de website verschijnt. In deel 1 komt antiek aardewerk aan bod, Delfts aardewerk waaronder tegels, transfer-prints zoals Maastricht aardewerk, Keuls aardewerk en volksaardewerk.
Lees verder
Antiek glas herkennen verifieren merktekens
Deze blog gaat over mijn grote liefde in het vak, kunstglas. Glas speelt met licht en naar een goed stuk glas in je omgeving kun je vaak kijken. Afhankelijk van het tijdstip van de dag is het object door de lichtinval anders van sfeer. Glas leeft. Liefhebbers snappen wat ik bedoel.
Lees verder

Aardewerk deel 2

Dit stuk behandeld het aardewerk uit de jaren 1890 t/m 1940. In deze periode komt  ‘De nieuwe kunst’ op. Het is lastig om vast te stellen hoe een brede kunststroming ontstaat. Wat je wel kan zeggen is dat de industrialisatie vorderde, er kwamen fabrieken en arbeid veranderde, massa productie ontstond. Daarnaast waren de grote kunstenaars uit  de tijd daarvoor al bezig met het impressionistisch uitbeelden van de werkelijkheid ( bv. Vincent van Gogh en Claude Monet ) Het exact nabootsen van de werkelijkheid was minder belangrijk. Invloeden uit de Japanse kunst maar ook uit China en andere delen van de wereld die meer zichtbaar werden in musea werkten o.a. als inspiratiebron om de werkelijkheid losser of abstracter weer te geven. Er was kennelijk meer erkenning voor de subjectiviteit van de kijker. Zijn beleving en interpretatie van een werk werd belangrijker als het ‘dwingend’ laten zien wat iets voorstelde. Op wereldtentoonstelling van 1889  in Parijs ( opening Eiffeltoren ) werden kunstwerken getoond die de veranderende tijd lieten zien. Deze wereldtentoonstelling wordt wel gezien als het startschot van de nieuwe kunst. Jugendstil,  Art-deco of algemeen de Art Nouveau nam zijn intrede in het leven van eerst de rijken maar later ook de gewone burgers.

De Nieuwe kunst was een wereldwijde stroming. Mede door toedoen van verbeterde reismogelijkheden ( treinen, stoomboten en later vliegtuigen )  en communicatie ( telegraaf en de telefoon  )  werden andere landen en culturen sneller bereikt en trad sneller beinvloeding op. Er ontstond voor het eerst een soort consensus en kopieer gedrag waardoor de nieuwe kunst herkenbaar is over de hele wereld.

Deze blog gaat over aardewerk uit deze tijd. Hoe herken je aardewerk uit deze tijd en hoe indentificeer je wie de maker is. Ook sta ik even stil bij latere navolgingen die vanwege stijgende prijzen ook het karakter kunnen krijgen van poging tot oplichting of zo nauwkeurig nabootsen dat de koper veel geld betaald voor een latere kopie.

Er zijn grofweg twee stromingen in het aardewerk waar te nemen de zwierige slaolie stijl  van de beroemde Tjecho-slowaakse kunstenaar Alfons Mucha. De andere stroming is de abstracte stijl van bijvoorbeeld Bauhaus in Duitsland.
Ik noem dit omdat veel aardewerk uit deze tijd ( en ook glas trouwens ) te herkennen is aan de hand van deze twee stijlen.

 

Abstracte stijl, W.C. Brouwer aardewerk Leiderdorp 1907

 

Hiernaast; Alfons Mucha stijl, Rozenburg Den Haag, 1902

 

 

 

Veel aardewerk uit de periode heeft een basis in een van deze stijlen, ze komen ook gemengd voor maar dan nog steeds herkenbaar uit de vroege jaren ‘20. De abstracte stroming werd verder geperfectioneerd in Nederland in ‘De Stijl’ ( Piet Mondriaan, Bart van der Leck ). Ook in andere delen van de wereld ontwikkelden beide stromingen zich n brachten bekende kunstenaars voort.

We dalen even af uit de grote kunsten en komen bij de vraag die ik altijd stel in deze blogs, wat kom je tegen in de huizen van mensen in Nederland.

Hoe herken je aardewerk welke uit grootmoeders tijd komt en wat is eventueel kostbaar of juist niet.  Ik laat aan de hand van onderzijde’s en decoraties verschillende objecten zien die uit de genoemde periode komen en daarvan stijlkenmerken hebben.
De objecten met duidelijke stempels en merktekens laat ik meer links liggen. Ik ga ervan uit dat u als u het duidelijk kan lezen al snel voorbeelden kan vinden via de zoekmachines zoals Google.

Met dank aan het fantastische archief van www.Botterweg.com
De beste Nederlandse veiling voor toegepaste kunst.

 

Mocht u nog vragen hebben of er niet helemaal uitkomen dan kunt u natuurlijk altijd een vraag stellen. U krijgt altijd antwoord. Ook voor taxatie van enkele stuks ( 2 / 3 ) kunt u simpelweg foto’s sturen via Whats-app of e-mail. Dank voor uw aandacht en ik hoop dat u wat wijzer bent geworden.

 

Deze blog gaat over aardewerk. Het is een groot onderwerp en vandaar dat deze in drie delen op de website verschijnt. Ik behandel aardewerk welke regelmatig te vinden is in huizen in Nederland. Hele zeldzame spullen zal ik niet behandelen. De drie delen bestrijken de periode 17e eeuw tot de 21e eeuw.

De volgende onderwerpen komen aan bod:

  • In deel 1 komt antiek aardewerk aan bod, Delfts aardewerk waaronder tegels, transfer-prints zoals Maastricht aardewerk, Keuls aardewerk en volksaardewerk.
  • In deel 2 komt het art nouveau en art deco aardewerk (1890/1940) aan bod. Veel uitingen van ‘de nieuwe kunst’ zijn gedaan in aardewerk zowel gegoten als handgedraaid.
  • In deel 3 komt keramiek uit de jaren 50/70 en modern keramiek vanaf 1980. Voor het moderne keramiek is 1980 als peildatum vrij willekeurig gekozen. Ik behandel dus niet alleen antiek aardewerk maar ook werk van bekende kunstenaars / pottenbakkers die gewaardeerd worden voor hun creativiteit en vakmanschap.

In het derde en dus laatste deel zal ik nog wat extra afbeeldingen plaatsen van merken die niet meteen onder een van deze rubrieken vallen maar wel regelmatig voorkomen in Nederland.

Zoals u wellicht van mij gewend bent laat ik afbeeldingen zien van objecten en onderkanten van objecten met een korte beschrijving. Op basis van de steekwoorden in de beschrijving kunt u verder zoeken naar het object waar u informatie over zoekt. Ook hier geldt weer; kunt u het object niet determineren dan kunt u contact met mij opnemen via de website. Ik zal u dan mijn mening geven.
Ik besef dat het zoeken een speld in een hooiberg kan zijn, er is natuurlijk onnoemelijk veel aardewerk gemaakt. Een aantal elementen kunt u zelf bepalen; is het aardewerk gegoten of met de hand gedraaid. Ziet u draairingen, vaak zichtbaar aan de binnenkant dan is het waarschijnlijk hand gedraaid aardewerk. Wat is de kleur van de klei ? Witte klei wordt veel gebruikt om in mallen te gieten en donkere kleuren klei worden vaak gebruikt om te draaien op een pottenbakkers draaischijf. Een gegoten object is natuurlijk heel strak en ook de standring waarop de pot staat is overal exact even dik. Hand gedraaide objecten hebben vaak een ingekrast of ingedrukt merk. Soms met een sjabloon en soms met de hand gedaan. Een gegoten object heeft vaak een nummer mee gegoten en een fabrieksmerk. Fabrieksmerken zijn duidelijk niet met de hand gemaakt maar via een print techniek aangebracht.
Een volgende vraag; heeft een object een handgeschilderd decor of is het een plakplaatje ( transferprint ) ?
Handgeschilderde decoraties zijn vaak voelbaar met de hand / vinger.
Een geprint decor is natuurlijk ‘perfect’ , heeft soms een raster ( bestaand uit honderden kleine puntjes, net als een krantenfoto ). Later meer over deze transferprints.
Geprinte en gegoten objecten hebben in het algemeen een lagere waarde ( minder productiekosten en grotere aantallen mogelijk ) als handgeschilderd en hand gedraaide objecten.

Decoratie als kenmerk

Antieke objecten hebben vaak realistische decors of voorstellingen uit het leven. Hoe meer detail zichtbaar was des te hoger was vaak de waardering. Voor volksaardewerk geldt dit ook maar er is veel gemaakt met een eenvoudige decoratie, denk aan Keulse potten.
Vanaf 1890 waarin de Art Nouveau stijl in zwang kwam mede onder invloed van impressionistische schilders werden decors vaak abstracter, speelser en meer ‘kunstzinnig’.
Na 1945 zie je steeds meer abstractere decor’s op aardewerk verschijnen. Dit gaat door tot in de jaren 70. Na 1970 worden decor’s en uitingen in aardewerk individualistischer. Er zijn dan ook minder duidelijk stijlkenmerken aan te geven. Een pottenbakker maakte gebruiksgoed of kunstzinnige uitingen en dat geldt ook voor fabrieken. Een bekend voorbeeld is dat bij Koninklijke Tichelaar uit Makkum zowel traditioneel aardewerk gemaakt werd als ook moderne kunst (b.v. objecten van Jan van der Vaart). Ook ontstaan er vanaf de jaren 50 steeds meer bekende pottenbakkers die een zekere kunstenaarsstatus hebben en waarvan de objecten in prijs stijgen en gezocht zijn.
Als laatste opmerking; wellicht weet u zelf hoe lang het object al bestaat uit eigen herinnering. Weet u dat het een huwelijkscadeau was in de jaren 50 dan kunt u natuurlijk het eerste deel over antiek aardewerk overslaan.
Ik wens u lees en zoekplezier.

Antiek aardewerk, deel 1

Nederland heeft een grote traditie in het het Delfts aardewerk. Internationaal heeft het Delfts blauw bekendheid en ook de verzamelaars komen vanuit de hele wereld. In deze blog zal ook ander antiek aardewerk aan de orde komen welke we in huizen in Nederland aantreffen.
We beginnen met het Delfts aardewerk.

Vanaf de 17e eeuw wordt er in Nederland Delfts aardewerk gemaakt. De oorsprong van het met tin glazuur bakken van aardewerk komt uit Italië waar in de 15e eeuw het Majolica werd ontwikkeld.
Via Belgische pottenbakkers werd dit tin glazuur aardewerk geïntroduceerd in Nederland in de 16e eeuw.
Toen het eerste Chinees porselein via de VOC-schepen in Nederland aankwam leidde dat tot grote consternatie maar ook inspiratie onder de Nederlandse pottenbakkers. Onder invloed van het Chinees porselein ontstonden voorstellingen op tegels en andere voorwerpen naar Chinees voorbeeld maar ook met puur Hollandse decors. Vanaf 1800 werden de Hollandse aardewerk fabrieken weggevaagd door de veel geavanceerdere Engelse fabrieken ( waaronder transferprints ) en verdwenen de honderden Delftse fabrieken snel. Alleen de Porceleyne fles en Tichelaar in Makkum zijn vandaag de dag nog steeds actief.

Delftse Tegels

Op deze website ziet u een mooie samenvatting van de oorsprong en ontwikkeling van Delftse tegels.
Hieronder laat ik een aantal tegels zien die antiek zijn. Aan het einde van deze rubriek verteld ik iets over kenmerken en waarde.

Tegels determineren is specialistisch werk. Er zijn heel veel verschillende soorten in omloop. De maten zijn bijna altijd hetzelfde en stammen uit de begintijd; 13×13 cm. Ook de hoekornamenten en voorstellingen zijn veelal op het oog gelijk.

Om toch een idee te krijgen van ouderdom en waarde hier wat opmerkingen; Oude tegels zijn kostbaarder dan jongere tegels. Oudere tegels zijn dikker. De vroege tegels zijn meer dan een centimeter dik tot zelfs bijna twee centimeter in sommige gevallen. De hoekornamenten zijn bij 17e-eeuwse tegels in veel gevallen groot. Ook de voorstelling zelf vult vaak de gehele tegel. In de 18e eeuw worden de hoekornamenten kleiner, de tegel dunner en ook de voorstelling wordt kleiner.

18e-eeuwse tegels komen veel voor, er is veel gemaakt. Het vergt veel kennis om de bijzondere tegels met meer waarde eruit te vissen. Onderwerpen die te maken hebben met de zeevaart hebben meer waarde. De driemasters en zeemonsters (vaak 17e eeuw) worden gezocht maar ook exotische dieren zoals olifanten en giraffes. Het loont de moeite om even Delft antiek tegel en dan het onderwerp welke op uw tegel staat te googelen en dan op afbeeldingen te drukken in de zoekmachine. Vaak komt u soortgelijke tegels tegen.

Een antieke tegel heeft nooit een merkteken. Tegels met productiemerken en merktekens zijn altijd modern.

Een ander belangrijk kenmerk van antieke (17e en 18e-eeuwse) tegels is dat deze vlot geschilderd zijn. Met een paar penseelstreken werd een voorstelling neergezet. De voorstelling is meer een schets maar vaak goed gedaan en duidelijk is te zien wat het is. De productie was hoog en de schilders waren zeer vaardig.
Antieke Delftse tegels uit de 19e eeuw hebben in zeer veel gevallen weinig waarde. Een kenmerk van deze tegels en ook latere productie is dat ze nauwkeurig zijn nageschilderd, er moet veel te zien zijn. De voorstelling oogt stijf en niet speels en vlot geschilderd zoals de 17e en 18e-eeuwse exemplaren. De vaardig geschilderde bijna ‘impressionistische’ manier van tegels schilderen uit de 17e en 18e eeuw is wat de verzamelaar waardeert.

Delft blauw objecten

Naast de tegels werd er natuurlijk ook meer Delfts aardewerk geproduceerd in Nederland en komt dit nog redelijk vaak voor in de woningen. Zoals gezegd waren er heel veel aardewerk fabrieken in de 18e eeuw die Delfts blauw maakten.
Veel stukken zijn ongemerkt en in veel gevallen is niet helemaal meer na te gaan welke fabriek het stuk gemaakt heeft. Voor de waarde helpt het dat een stuk wel gemerkt is maar als het object van hoge kwaliteit is qua beschildering voorstelling en vorm dan kan een goed vroeg Delfts blauw object sowieso behoorlijk wat opleveren.
Hieronder laat ik wat foto’s zien van onderkanten van objecten met de merktekens. Ook in de 19e eeuw werd er, uiteraard Delft blauw gemaakt maar die is voor verzamelaars (nog) niet interessant. Ik probeer hier ook te laten zien wat het verschil is tussen de 18e en de 19e-eeuwse stukken.

* Met dank aan De Delftse pioen voor de foto’s.
Kijk hier voor meer voorbeelden van Delfts aardewerk. Een fraaie collectie.
De enige echte fabriek voor Delfts blauw aardewerk is de Porceleyne fles. Hierboven staat een 18e eeuws voorbeeld. Hieronder nog een aantal voorbeelden omdat dit regelmatig voorkomt in Nederlandse huizen.

* copyright De Delftse Pioen
Via deze link kunt u eenvoudig de jaartallen vinden waarop het object hierboven, maar natuurlijk ook uw eigen object, gefabriceerd is.  Het merkteken van de Porceleyne fles is een (apothekers) flesje met daaronder na 1876 JT (Joost Thooft, eigenaar vanaf die datum) het woord Delft en dan de jaarletter(s).

Overige delft merken

In navolging van succes van de Delftse fabrieken werd veel Delft blauw “nagemaakt”.Dit staat tussen aanhalingstekens omdat elk product zijn eigen kwaliteit en uitstraling heeft. Wel zijn de onderstaande merken niet erg gezocht en wordt er weinig tot geen geld voor gegeven op de antiek- en verzamelmarkt. Allemaal midden/tweede helft 20e eeuw.

Er zijn nog veel merken te vinden op Delft blauwe objecten. Dit is een selectie van merken die ik regelmatig voorbij zie komen. Voor de duidelijkheid, als u een object heeft met een van deze merken dan is wellicht de waarde op de antiek of verzamelmarkt niet hoog maar het is wel degelijk mogelijk deze te verkopen, alleen zullen de bedragen minder hoog zijn dan de stukken genoemd in het eerste deel van dit stuk over Delfts blauw.

Verschillen tussen 17e en 18e-eeuws Delft en het minder kostbare 19e-eeuwse Delfts blauw.

Zoals al gezegd hebben alleen de heel oude stukken Delfts aardewerk waarde. Uitzondering is de Porceleyne fles. Hiervoor geldt; hoe fijner de schildering hoe beter de prijs en stukken an voor 1925 zijn duurder als de stukken na dit jaartal. Een gekke uitzondering zijn de stukken gemaakt bij de experimentele afdeling. Deze zijn totaal anders als wat u verwacht maar heeft wel een Porceleyne fles merk aan de onderzijde. Wilt u hierover meer lezen dan bezoekt u dan de website van kunstconsult.

Nu de antieke stukken

Er zijn drie zaken waarop je kan letten om vast te stellen of men een 17e / 18e-eeuws Delfts object heeft of een veel minder interessant 19 eeuws stuk.

  1. Antieke Delftse stukken hebben in vel gevallen fijne rand fritting of schilfers
    Dit komt omdat de glazuur na bakken hard wordt en op de randen teveel spanning ontstaat waarna in veel gevallen dit eraf springt in de loop der jaren. In de 19e eeuw ken ik daarvan geen voorbeelden.
  2. Kwaliteit van de schildering
    Net als de tegels is het schilderwerk vaak van hogere kwaliteit en vrijer gedaan als de 19e eeuwse stukken waar men nauwkeurig probeerde te schilderen waardoor een object saaier oogt. Ik begrijp dat dit een enigszins geoefend oog nodig heeft maar als u via google wat voorbeelden bekijkt dan valt het wel op denk ik.
  3. Delftse stukken met Chinese voorstellingen zijn in alle gevallen 17e en vroeg 18e eeuws
    Dit was toen mode.

De tranferprints

Veel antiek aardewerk welke ik tegenkom in huizen zijn geprint. Ze zijn niet met de hand geschilderd maar via een stuk papier waarop een voorstelling geprint is word deze voorstelling overgezet naar het aardewerk, getransfereerd dus. Vandaar de term transferprint.

Op Delfstsaardewerk.nl vindt u een link met informatie over dit onderwerp.

Tranferprints gaan terug tot de 18e eeuw en is ontwikkeld in Engeland. Door deze techniek kon de productie van gedecoreerd aardewerk sterk worden verhoogd.
Logischerwijs daalde de prijs van deze producten ten opzichte van hand geschilderd aardewerk en werd daardoor ook vrij snel populair. De mensen die dit soort aardewerk verzamelen is tanende. Toch wil ik kort een paar voorbeelden laten zien zodat u een idee heeft wat u heeft en wat de ouderdom en eventueel de waarde is.

Er zijn nog veel meer drukdecors gemaakt en in omloop.Het voert te ver deze allemaal te laten zien. Dit zijn gangbare decors die men regelmatig aantreft in Nederlandse huizen.

Beeldmerk PR Petrus Regout Delft BlauwDateren van P. Regout objecten. Er zijn vreselijk veel merken gevoerd. De meeste zijn eenvoudig te achterhalen omdat het merk zelf vrij duidelijk is.
Tip: PR ergens in het merk is ook Petrus Regout. Dit zijn altijd merken van voor 1910.

 

Transferprints herkennen

Er zijn een paar dingen die je zelf kunt bekijken of je een print of een handgeschilderd object hebt. Allereerst zijn de prints vaak erg gedetailleerd. Ze zijn egaal van kleur en met een loep zijn er puntjes te zien een zogenaamd raster, net als krantenfoto’s. Handgeschilderd is egaal van kleur. Daarnaast kan je direct zien dat transferprints altijd precies gelijk zijn. Op bijvoorbeeld twee schoteltjes zitten alle onderdelen van het decor op exact dezelfde plaats van elkaar. Dit is bij handgeschilderd niet zo. Omdat de randen van de borden en schotels vaak apart gelegd worden zit er soms rare overlap in. Zie voorbeeld. Ook zitten er rare onderbrekingen of wegvallende delen op plekken in het merk of in het decor waar het papier minder goed heeft geplakt.

Gres / steengoed / volksaardewerk

Onder de verzamelnaam “gres” worden alle stukken aardewerk bedoeld die op hoge temperatuur gebakken worden en meestal voorzien zijn van een zoutglazuur, zodat deze waterdicht werd. Decoraties zijn vaak in blauw aangebracht. Olie en waterkruiken zijn bruin geglazuurd maar ook van hard gebakken klei. Gres is heel hard en sterk aardewerk. Het wordt vanaf de 13e eeuw gemaakt en door de eeuwen heen gebruikt als inmaakpotten voor vlees en groente, verpakkingsmateriaal en als sierobject of pronkstuk.
Eigenlijk wordt onder gres ook steengoed bedoeld. De potten en kruiken werden gemaakt in Duitsland (Siegburg, Raeren, Frechen en het Westerwald).
In het artikel op smeelevandermeulen.nl wordt veel verteld over de achtergrond van Keulse potten in Nederland. U kunt hier een Pdf downloaden met nog veel meer informatie.

Volksaardewerk is vaak van roodbakken klei en is zachter. Het is op een lagere temperatuur gebakken. Ook deze objecten hebben dezelfde gebruiksfuncties zoals hierboven bij gres omschreven.

Veel Keulse potten en kruiken hebben weinig waarde. Dat is ook wel eens anders geweest. Dateren van Keuls aardewerk is lastig. Het materiaal blijft hetzelfde alleen de vormen en decoraties zijn verschillend.
Een kenmerk welke ik geleerd heb, maar waarover ik weinig bewijs heb kunnen vinden, gaat over het al dan niet aanwezig zijn van draairingen. Ik noem het hier omdat mij gebleken is dat het aardig klopt.

Als een Keulse pot of kruik van de pottenbakkers draaischijf werd gehaald dan gebeurde dat door met een touwtje aan de onderzijde de pot los te maken met een “heen en weer beweging”. Hierdoor ontstonden aan de onderzijde ringen. Dit is tot ca. 1900 zo gedaan. Een pot met draairingen of fijnmazig lijnen aan de onderzijde is van voor 1900. Potten met een gladde onderkant zonder lijntjes zouden na het eraf halen met en touwtje nog worden gladgestreken aan de onderkant. Dit is met name bij de Duitse objecten het geval.

Het voert te ver om alle details van Keuls aardewerk te bespreken. De artikelen in de bovengenoemde PDF zijn heel duidelijk met mooie voorbeelden. Ik raad u aan dat te lezen om meer inzicht te krijgen.

Welk Keuls aardewerk heeft waarde?

Hieronder laat ik een aantal voorbeelden zien. Waarde is natuurlijk relatief maar een eenvoudige inmaakpot uit 1900 verkoopt men tussen de 10 en de 30 euro (januari 2024).
Staat er een vogelfiguur op dan is dat bedrag 30/60 euro, afhankelijk van grootte en kwaliteit van de schildering.
Baardmankruiken gaan snel in de honderden euro’s en dat geldt ook voor de 17e en 18e-eeuwse Westerwald kruiken.
Dit zijn natuurlijk zo maar wat bedragen zonder context.

De afbeeldingen van de objecten hieronder zijn in ieder geval wat meer bijzonder en geliefd bij verzamelaars.

Potten met firmanamen erop doen een paar tientjes, 17e eeuwse baardmannen 500 / 1000 euro en hoger, potten met dierfiguren erop uit de 18e en 19e eeuw leveren 50 / 200 euro op. Westerwald objecten uit de 17e eeuw leveren tussen de 500 en de 2000 euro op. Westerwald objecten uit de late 19e eeuw leveren 50 / 300 euro op. Alle prijzen zijn slechts indicatief. Er zijn echt uitzonderingen naar boven en naar onderen maar dan heeft u een denkrichting.

Volksaardewerk

Ik tref niet zo heel veel volksaardewerk aan in huizen. De waarde is beperkt tot enkele tientjes per stuk (januari 2024).
Bijzondere stukken

Deze blog gaat over mijn grote liefde in het vak, kunstglas. Glas speelt met licht en naar een goed stuk glas in je omgeving kun je vaak kijken. Afhankelijk van het tijdstip van de dag is het object door de lichtinval anders van sfeer. Glas leeft. Liefhebbers snappen wat ik bedoel.

Inhoud blog:

Een van de eerste dingen die ik kocht omdat ik het mooi vond was een vaas van Andries Copier uit Leerdam. Het was een dikwandige vaas met een champagne kleur.
De vaas heeft iets mysterieus. Hij lijkt gisteren gemaakt maar is uit 1936.

Glazen vaas Andries Copier antiek glasGlas wordt al duizenden jaren gemaakt. De eerste glasblazers ontstonden 50 voor Christus. De eerste gebruiksvoorwerpen komen vanaf die tijd in zwang. De Feniciërs ( het huidige Libanon ) waren de eersten die glas leerden bewerken en van daaruit hebben de Romeinen de verspreiding verder voor hun rekening genomen.
De Romeinen hebben tot de dag van vandaag die voorsprong behouden. Het fraaiste glas wordt nog steeds gemaakt in Italië om precies te zijn op Venetië en Murano ( eilandje voor Venetië ). Over Murano glas later meer.
Omdat er ook wat te leren moet zijn wil ik de bekendste glas ateliers en fabrieken behandelen die internationaal naam en faam hebben. Door ook de merken te behandelen hoop ik dat deze blog u informatie geeft waar u misschien naar op zoek was.
Ik zal in deze blog de bekendste glasateliers beschrijven en de meest gangbare merken laten zien. Aan het einde van dit blog zal ik nog meer foto’s plaatsen van merken die u kunt tegenkomen. Met de juiste naam kunt u dan snel verder zoeken naar meer informatie over het stuk wat u in bezit heeft.

Leerdam Glasfabriek

Waar mijn verzamelwoede mee begon waren zoals gezegd de stukken van A.D. Copier uit Leerdam.
In de late 19 eeuw werd er traditioneel gebruiksglas geproduceerd bij de glasfabriek in Leerdam. Onder invloed van de nieuwe kunst (Art Nouveau/Art Deco/ Jugendstil) kwam er een grote productie op gang waarbij het kunstenaarschap naast de schilderkunst ook in andere materialen tot uiting kwam. In 1912 werd P.M. Cochius directeur van Leerdam glasfabriek. Cochius was een kunstverzamelaar en liefhebber van de nieuwe kunst en zocht contact met kunstenaar en ontwerpers om in de glasfabriek kunstzinnige objecten te gaan maken. Hij wist een aantal grote namen te interesseren zoals Karel de Bazel, Architect Berlage en de beroemde Amerikaanse ontwerper Frank Lloyd Wright. Andries Copier was al vanaf 1914 in dienst bij de glasfabriek en kreeg in 1922 de vrije hand om te mogen ontwerpen. Copier zette met zijn grote stroom kunstzinnige glasobjecten waaronder serviezen vazen en schalen de glasfabriek meer en meer op de kaart. Vanaf 1915 werden ook de eerste stukken gemerkt.
De bekendste glasontwerpers van Leerdam zijn de genoemde namen maar ook Cornelis de Lorm, Chris Lebeau, Chris Agterberg, Chris Lanooy, Jaap Gidding, Floris Meydam, Willem Heesen, Siebren Valkema en  Siem van de Marel. Er hebben nog meer mensen gewerkt en fantastische stukken gemaakt, maar dit zijn de belangrijkste. Voordat ik een lijst met foto’s presenteer is het goed om te weten dat lang niet alle stukken gemerkt zijn welke bij Leerdam zijn vervaardigd.
Hieronder een selectie van merken van Leerdam glaskunstenaars. De foto’s met een * zijn met toestemming van Inez van Leuzen van www.botterweg.nl geplaatst. Via deze link is zeer veel te vinden van voorgaande veilingen met mooie foto’s.

Zomaar een selectie van merken die je kan tegenkomen. Ook van de andere makers zijn gemerkte stukken in omloop deze zien er bij Leerdam vaak zo uit zoals ik hierboven heb laten zien.
In willekeurige volgorde behandel ik nu een aantal grote glashuizen welke in Europa glas geproduceerd hebben of nog steeds produceren.
Uiteraard is er elders in de wereld ook glas geproduceerd maar deze stukken kom je minder snel tegen. Ik denk dat ik met de bekendste Europese ateliers en producenten redelijk compleet ben.

Kristalunie Maastricht

Er was nog een plaats in Nederland waar productie van gebruiksglas en kunstglas van de grond gekomen is.
De familie Regout bekend van het aardewerk en porselein in Nederland ( De Sfinx / Petrus Regout / Société Céramique ) produceerden ook glas. In 1925 werd besloten om productie bij elkaar te voegen vanwege slechte resultaten. Zo ontstond de Kristalunie. In navolging van wat in Leerdam gebeurde werden ook in Maastricht bekende ontwerpers en kunstenaars aangetrokken om kunstglas te ontwerpen en te produceren. De bekendste ontwerpers in Maastricht waren Jan Eisenloeffel, Piet Zwart, Willem Jacob Rozendaal en Max Verboeket.

Van hen laat ik hieronder enige merken zien welke zoals in zeer veel gevallen aan de onderzijde van een object te vinden zijn.

Willem Rozendaal heeft ook diverse ‘Unica’ gemaakt. Deze heten bij Maastricht Manuvaria en zijn vaak niet gemerkt of met het woord ‘ Maastricht’  ( zie hierboven ). Merken speelden bij Maastricht glas een minder prominente rol.

Kosta Boda

Ook in Zweden is prachtig glas gemaakt. Kosta boda claimt al 300 jaar glas te maken. Uiteraard heette de werkplaats anders in de 18e eeuw, maar in de plaats Kosta is sinds 1742 altijd glas gemaakt. De omgeving van Kosta wordt ”Kingdom of Crystal” genoemd. Bekende Kosta Boda ontwerpers zijn Vicke Lindstrand, Bertil Vallien, Göran Wärff, Erik Höglund en Kjell Engman. Ook hier hebben nog veel meer grote glasartiesten gewerkt maar deze namen kom je het meest tegen als het merken aan gaat.

De meeste stukken zijn gemerkt met een productienummer en de signatuur van de maker. Zie voorbeelden:

Orrefors

In het gelijknamige dorp Orrefors werd in 1898 een glasfabriek opgericht. Vanaf  1913 wordt er steeds meer kunstglas geproduceerd waarbij er ook naar het buitenland werd gekeken. Bekend is de Ariel techniek waarbij de decoratie in luchtbellen in het glas werd geblazen.
Bekende ontwerpers waren: Edward Hald, Edvin Öhrström, Sven Palmqvist, Nils Landberg en Ingeborg Lundin. Orrefors produceert nog steeds.

Hier een paar merken die gevoerd werden:

Holmegaard

Per Lutken, Holmegaard ca. 1955Ook in Denemarken is fraai glas geproduceerd. Van 1825 tot 1930 vooraf gebruiksglas. Dat veranderde in de jaren 30 toen Jacob Bang succesvol werd met het maken van bijzondere stukken en Holmegaard op de kaart zette. Vanaf 1942 kwam Per Lutken bij Holmegaard. Ook Michael Bang, de zoon van Jacob werd een succesvolle glasontwerper. Deze drie namen zijn de drijvende kracht gebleven tot in de jaren rond 2000.
Bekende ontwerpen werden vaak ook in latere jaren opnieuw geproduceerd.

Bohemen

Veel glas is geproduceerd in Tsjechië/Oostenrijk/Hongarije en al sinds mensenheugenis. Al vanaf het jaar 0 (Keltische periode) werd er glas gemaakt in de Bohemen. Glasproductie op grote schaal vond plaats vanaf de 12e eeuw (middeleeuwen). In de 16e eeuw overtrof de kwaliteit van het Boheemse glas zelfs dat van het Venetiaanse. Het werd wereldwijd bekend. Veel Boheems glas is niet gemerkt. Wel zijn er in de 20e eeuw veel bijzondere stukken gemaakt met ook bekende ontwerpers die er aan verbonden zijn. Vaak als ik het stuk niet meteen kan toeschrijven kom ik uit bij Boheems glas. Er is heel veel glas gemaakt in de Bohemen tot vandaag de dag.

Hieronder een aantal foto’s van kenmerkend en ook in Nederland bekend Boheems glas.

Een speciale plaats namen de fabrieken van Johann Lötz in ( Klostermühle / Rejštejn ). Deze fabrieken maakten vanaf 1850 Kunstglas in maar werden beroemd om het Art Nouveau glas vanaf 1900. Glas wordt ook wel Loetz glas genoemd. Deze stukken zijn veelal wel gesigneerd maar niet alle.

Venetië Murano

Zoals in het begin al genoemd. De mooiste stukken glas komen uit Italië en dan met name uit Venetië en het eiland Murano voor de kust van Venetië. De italianen beheersen technieken die door andere glasblazers nooit zijn ge-evenaard.

Het stapelen van vlakken, het fijn draaien van draden. Het op elkaar zetten van verschillende kleuren. Er zijn nog meer voorbeelden van gecontroleerde technieken welke collega glasblazers versteld deden staan. De technieken werden niet gedeeld en de glasblazerij was afgesloten als er bijzondere stukken gemaakt werden. Uiteindelijk zijn veel technieken wel nagemaakt en hebben ook andere glasblazers ‘Murano’ technieken kunnen uitvoeren maar lang maakten de glasblazers in Venetië unieke en zeer complexe glasobjecten.
Ik ben zelf eens op Murano geweest samen met Willeke en mocht even mee naar de afdeling duurdere stukken toen ze in de gaten kregen dat ik bovenmatig was geïnteresseerd. Toen ze in de gaten kregen dat ik geen omgerekend 5000 euro wilde geven voor een stuk glas werd ik bijna vijandig de ruimte uit gestuurd. Wat is zag in de ruimte met de duurdere stukken was onvoorstelbaar. Zeer grote stukken met de meest fantastische technieken en kleuren.

Bekende glasontwerpers in Italië waren Archimede Seguso, Paolo Venini, Fulvio Bianconi, Dino Martens, Giuseppe Barovier, Carlo Scarpa, Vittorio Zecchin, Flavio Poli en Ettore Sottsass.

Ook hier zijn nog meer namen te noemen maar dit zijn de grootste meesters die veel betekend hebben voor kunstglas in de wereld. Vandaag worden de technieken en ontwerpen van veel van deze meesters nog steeds uitgevoerd. Glaseiland Murano is heel toeristisch en commercieel ingesteld.

De bekendste merken van de originele stukken staan hieronder.
Er werd ook veel gebruik gemaakt van stikkers. Die zijn soms natuurlijk niet meer aanwezig.

Venini gemerkt betekend niet dat het altijd een product van Paolo Venini zelf is. Hij was naast ontwerper ook de eigenaar van het atelier en veel andere stukken van bv. Fulvio Bianconi, Carlo Scarpa en Tapio Wirkkala zijn gemerkt Venini.

Er is nog veel meer te vertellen over Murano glas maar, dat voert te ver in het kader van dit blog.
Wilt u een goede website over Murano glas zien dan raad ik u deze aan; www.muranoglas.nl

Frans glas

Het Franse glas is wereldberoemd. Met name glas welke geproduceerd is tussen 1890 en 1940 (Art nouveau periode) is zeer gewild en bekend. De bekendste namen zijn Jean Daum, Rene Lalique, Émile Gallé, Charles and Ernest Schneider (ook ‘le verre Francais’), André Delatte en Muller Freres. De Franse glaskunstenaars specialiseerden zich in etstechnieken. Er werden meerdere lagen glas over elkaar aangebracht en met waterstoffluoride (zeer sterk zuur) een laag weg geëtst totdat de kleur eronder zichtbaar werd. Er werden sjablonen gebruikt met voorstellingen erin van teer. Waar het teer zat kon de etsvloeistof niet komen. Het werk was zeer ongezond en vele arbeiders stierven voortijdig in dit productieproces. In Frankrijk werden de merken aan de zijkant mee geëtst. Glasmerken tref je in Frankrijk bijna nooit aan de onderzijde.

Émile Gallé

Originele stukken van Gallé hebben mee geëtste merken. Let op: soms zijn het wel Roemeense producten maar dan is het woord Tip weggelaten vaak uit een niet al te goede reden.

Daum

In Nancy werd op dezelfde wijze als bij Gallé kunstglas geproduceerd. Daum nam na de dood van Emile Gallé (1904) de leiding in de markt over.

Rene Lalique

Rene Lalique heeft fantastisch juwelen gemaakt in de Art nouveau periode en werd toen al geroemd om zijn ontwerpen. In 1896 opende hij zijn eigen bedrijf. Vernieuwend waren zijn ideeën over ontwerp boven kostbaarheid. Traditionele sieraden moesten in die tijd goud en kostbare edelstenen bevatten maar Lalique koos ook voor minder kostbare materialen omdat dat het ontwerp ten goede kwam. In 1906 ontwierp hij voor François Coty, die een bekende apotheker was in Parijs een parfumfles in glas. Deze waren zeer succesvol. In 1922 begon hij zijn eigen glasfabriek. Zijn specialisatie was persglas. Dit kon op grote schaal worden geproduceerd en was toch van grote schoonheid.
Er worden tot de dag van vandaag objecten gemaakt van het merk Lalique.

Schneider, Andre Delatte en Muller Freres

In navolging van de hiervoor genoemde kunstenaars deden de gebroeders Schneider, welke bij Daum gewerkt hadden een duit in het zakje. Vanaf 1913 in de buurt van Parijs openden zij een fabriek in de traditie van Daum. Ook Le Verre Francais komt van de hand van de gebroeders Schneider.
Weer later openden de gebroeders Muller (ca. 1910) en Andre Delatte (1921) glasfabrieken in de traditie van Daum/Gallé. Ook deze fabrieken produceerde Art Nouveau glas van goede kwaliteit.

Overige merktekens antiek glas

Natuurlijk is er nog veel meer glas gemaakt zoals in Finland, Duitsland, België, Engeland. Omdat ik mijzelf wil beperken tot de, in mijn smaak belangrijkste glasblazers, ontwerpers en fabrieken noem ik van de volgende producenten alleen de naam en laat ik een foto van het merkteken zien. Zo kunt u toch wellicht het merk aantreffen welke u heeft gevonden op uw glas object.
Zoals gewoonlijk, vraag gerust via mail of Whats app. De contactgegevens staan op de voorpagina van deze website.

Dank aan Saskia Meershoek van www.artentique.com voor hulp bij research en aanleveren foto’s.

Zoals gezegd. Dit is slechts een vogelvlucht door de wereld van kunstglas. Mailt u gerust een foto als u graag iets wil weten van een stuk glas in uw bezit. Ook als het niet gemerkt is maar u wil toch wat meer weten; u krijgt altijd antwoord.

Simon Breider

Contact opnemen